Dassenhof 46 Henk Korterink

John Liebrand verzorgde de foto’s en Robbie Wolters maakte het verhaal.

            

                                                                    Muurschildering van de locomotief
                                                                    Silvolde 13 door Rianne te Kaat
                                                                    gemaakt op Ulftseweg 17.

Henk Korterink is de kleinzoon van Hendrikus Korterink die machinist was op de tramlijn. Hij was o.a. machinist van de Silvolde 13.

Hendrikus Korterink zat letterlijk dicht bij het vuur en in de oorlog verwarmde hij zijn huis met cokes, waarmee hij de tram stookte, en die onderweg van Breedenbroek naar station Sinderen zomaar van de tram vielen.

In Silvolde viel in de Dennenbult (bij de Laan van Schuilenburg), daar waar het trammetje moeizaam de bult op kon komen, regelmatig cokes van de tram. Bij dat vallen van de cokes hielpen veel Silvoldse jongeren. Door de zeer lage snelheid konden ze achter op de dissel van de wagon klimmen en de cokes een beetje helpen vallen……Half SIlvolde stookte zowat cokes en lang niet alles kwam bij de DRU in Ulft.

Bij de laatste rit met de tram heeft opa Korterink de bel van de tram mee naar huis genomen, die werd thuis in de kersenboom gehangen om de vogels te verjagen. Kleinzoon Henk heeft de bel naar het openbaar vervoersmuseum in Doetinchem gebracht waar hij te bezichtigen is.

  

De zoon van Hendrikus Korterink, Jan Korterink werd ook machinist bij de tram, toen de lijn in 1953 werd opgeheven moest vader Jan omscholen hij kwam bij de transportafdeling van de GTW te werken als vrachtwagenchauffeur. Henk kan zich noch herinneren dat vader Jan vertelde dat hij daarvoor het vrachtwagenrijbewijs moest halen, in die tijd een formaliteit, het vertrek was bij het kantoor van de GTW aan de Keppelseweg in Doetinchem Jan moest een rondje om de kerk rijden en daarna werd er gekeken of er schade aan de vrachtwagen was ontstaan. Was er geen schade dan was je in het bezit van een vrachtwagen rijbewijs.

De familie Korterink leverde meer arbeidskrachten bij de GTW. De broer van vader Jan, ome Koos was stoffeerder bij de GTW en tante Rika werkte er als conductrice, zijn oom G.J. Arentsen die met Jenneken Korterink getrouwd was werkte er als buschauffeur.

Op 11 maart 1950 huwde Jan Korterink met Cristina Hendrika Stoltenborgh, Het echtpaar ging aan de Varsseveldseweg in Terborg wonen.
Let op de stempel links onder in het boekje, deze is van de Protestante Gemeenschap in Silvolde. Het huwelijk werd ook kerkelijk ingezegend.
Ze woonden in Terborg maar behoorden tot de Silvoldse kerkgemeenschap.

Ze kregen twee zonen Henk 1951 en Roel 1956

    

Jan is op 25 november 1974 overleden en Christina op 14 juli 2003

Bij het opheffen van de tramlijn werd de houten opslagloods in Terborg overbodig en zou de loods worden gesloopt en vernietigd. Door de goede connecties van de familie Korterink met de GTW konden ze de loods redden en werd deze verkocht aan iemand in Silvolde.
De loods stond al op z’n plek toen de spoorwegen een klacht indienden omdat het huis verkeerd om stond. Het moest een kwartslag draaien zodat de treinen beter zicht hadden. Na veel gehannes werd dat gerealiseerd en de loods staat er nog net zo. de loods is nu ingebruik als woonhuis.
De loods staat er nog steeds goed onderhouden en gemoderniseerd, verscholen tussen het groen, in Silvolde aan de Rabelinkstraat richting Varsseveld net voor het spoor rechts.
 

Zoon Henk vertelt over zijn jeugd die zich grotendeels bij opa en oma op de Heuvelstraat in Silvolde afspeelde en haalt herinneringen op met Robbie Wolters.

Henk was lid van de protestante scoutinggroep (destijds de padvinders groep) met de naam "Jan van Schaffelaar" en van gymnastiekvereniging "de Eendracht".
De  scoutinggroep "Jan van Schaffelaar" wilde graag een blokhut als clubhuis en deze werd destijds opgebouwd bij het voetbalveld van sportclub Silvolde, daar waar nu de kleedkamers staan.
Het benodigde geld voor de aankoop werd o.a. bij elkaar gebracht door een skelterrace te organiseren op de ijsbaan voor het zwembad. De veiligheid voor coureurs en publiek werd zeer ernstig genomen en het circuit werd veilig gemaakt met strobalen en oude autobanden. Appie Fokking was ook lid bij de verkenners en op die manier konden we strobalen lenen bij boer Fokkink. De autobanden kwamen van bandenhandel Berfelo uit Terborg, het waren er honderden misschien wel duizend. Wat er na de race mee gebeurd is weet ik niet meer. De hopmannen waren in die tijd de heer Boegman en Henk Renting die regelden alles.
Mijn vader Jan deed het onderhoud van de blokhut.
De Akela van de Welpen was Dina Vriezen van de Terborgseweg. Eerst ging je bij de welpen en dan stroomde je door naar de padvinders.
De katholieke scoutinggroep kwam in het patronaatsgebouw bij elkaar.

Gymnastiekvereniging “de Eendracht” o.l.v. Gert van Amerongen oefende altijd in de gymzaal van O.L.S. de Drie Linden en de uitvoeringen waren in zaal Kolks.
De dochter van Gert van Amerongen Alie Rentink - van Amerongen nam de leiding 
van haar vader over.
Later ging “de Eendracht" samen met gymnastiekvereniging “Avanti” onder de naam “Souplesse”.

Gespeeld werd er in de Galgenberg, daar groeide lang gras en in droge periodes kon je dat in brandsteken, je liep dan vlug terug naar de Bergstraat waar je even later de brandweer voorbij zag komen.
Je kon in de Galgenberg tunnels graven en boomhutten bouwen. Aan de kant van de Ulftseweg was een grote ronde put met een zinken deksel waarin strooizout voor de wegen bewaard werd. Als het glad was in de winter werd hier een kar vol zout geladen en nam Herman Rougoor plaats in de kar achter de tractor van kolenboer Jansen en strooide het zout uit over de weg met een schep.

     

Later werd de Galgenberg gebruikt voor industrieterrein, hier vestigden zich Timmerfabriek Scholten, heftruck fabriek Hendré en het Oost Gelders Automobiel Bedrijf van Van den Berg, de Renault garage waar Joop Speekhout als verkoper werkte. Ze verkochten er ook grote modellen van het merk Renault Rambler.

De schrik zat er goed in voor politieagent Ankoné, als er klachten waren over voetballen op de Bergstraat nam hij de bal in beslag. Henk weet nog dat ze de fiets van Ankoné met een hangslot vastgelegd hadden, die maakte er geen probleem van en hield thuis op Ulftseweg 102 de fiets van zijn vrouw op waar hij de ronde mee afmaakte.
Robbie Wolters weet dat je bij het voetballen moest oppassen dat de bal niet bij de familie Pain van nummer 5 in de tuin kwam. Die sneden de bal dan aan stukken waar je bij was, er mocht geen bloemetje beschadigd worden. De familie Pain had een aap als huisdier en de heer Pain was in het bestuur van het rode kruis, hij was de eerste op de Heuvelstraat met een telefoonaansluiting.

Paasvuur in de Galgenberg of de zandbult aan de industrieweg was een jaarlijks terugkerend ritueel. Met Pasen werd het paasvuur aangestoken, hiervoor werd hout verzameld en op een grote stapel gelegd, die soms tien meter hoog was. Als het duister inviel werd het geheel aangestoken. Het spektakel trok veel toeschouwers en het was een echt dorpsgebeuren.

Voor het hout verzamelen werd de handkar van timmerman Driesen of de bakfiets van aannemer Koenders geleend en met een groep jongens reden we het hout bij elkaar. De ouderen gingen de brandstapel maken en ter vergroting van de feestvreugde stopte je er wat oude autobanden, afgewerkte auto olie  en stukken asbest in, dat asbest knalde zo mooi als het in de brandstapel lag.
Om de stapel aan te steken gingen we bij timmerfabriek Scholten verdunning of ontvettingsmiddel halen. Verder ging je geld inzamelen op de Heuvelstraat om benzine en snoep te kopen, ’s avonds als je de brandstapel moest bewaken bij een klein kampvuurtje kon je van dat geld dan ook wat te eten en te drinken kopen. Dat bewaken was nodig omdat rivaliserende groepjes elkaars stapel vooraf aanstaken. Op die manier had je meer bezoekers bij je eigen vuur. Bij Van Gestel / Van Londen op nummer 24 stond een dierenhok achterin de tuin, daar bleven we overnachten en je moest  om beurten wacht lopen. De ouders kwamen af en toe 's nachts kijken hoe het verliep.
De benzine had je nodig om de stapel aan het branden te krijgen.
Als jouw paashoop vooraf afbrandde was iedereen, jong en oud, op de been om op tijd een nieuwe stapel bij elkaar te rijden. Vergunningen had je in die tijd niet nodig.

Op oudejaarsavond haalden we bij de melkfabriek een afgekeurde melkbus weg of kregen we kleine verfblikjes van schilder Joop ten Have en gingen daarmee carbidschieten. Carbid werd in een melkbus of verfbus gelegd en enigszins natgemaakt, b.v. met speeksel of water, waarna de bus werd afgesloten met het deksel of een plastic bal. Het zich vormende ethyn werd door een klein zundgat onderin de bus ontstoken en ontplofte met een dreunende knal, waarbij deksel of bal uit de bus schoten en tientallen meters verderop terechtkwam. Bij een grote bus was de knal vaak oorverdovend.
Er werd niet alleen op een afgesloten veldje geschoten maar gewoon midden op straat, de deksel vloog tientallen meters verder en je had er geen controle over waar die terechtkwam. Carbid bracht Henk’s vader uit Azewijn mee.

Tijdens de kerkdienst was er één man die naar de preek in de kerk ging luisteren, de rest zat bij Meijer in het café. Je hoorde dan waar de preek over ging en kon thuis vertellen dat je in de kerk geweest was en de preek gehoord had.

Uit eten gaan deden we in die tijd bij Dikke Joep aan de Markt, Willemien Wolters de uitbaatster van de cafetaria had dan een plaatsje voor onze familie achterin de zaak aan tafel en je kreeg de patat op een bordje.

Bij Verheij aan de Ulftseweg was het wat luxer die had al een soort eetcafé en een automatiek, hij had gokautomaatjes in de automatiek hangen, daar is menig kwartje van het schoolsparen in verdwenen. Meester Egberts gaf je een aframmeling als hij erachter kwam dat je het spaargeld vergokt had.

Later gingen we wel eens naar café IJsselstad van Jacob en Tineke Otten. Jacob Otten werkte toen ook bij Suselbeek, ik weet nog dat hij eens jongens met een biljartkeu uit het café heeft geslagen en daarvoor gevangenisstraf heeft gekregen.Boven het café was in die tijd een pension voor Turkse gastarbeiders.


 

SilvoldePediA
Ulftseweg 26
7064 BD Silvolde
tel. 0315-342600 of 06-2300 3204
E-mail: robbiew52@gmail.com